AVV logo

Alternatief voor Vakbond

Hoger beroep tegen VUT PDF Afdrukken E-mail
maandag, 22 juni 2009 11:39
AddThis Social Bookmark Button

Aanstaande woensdag 24 juni dient om 9:30 het pleidooi in het hoger beroep van het Alternatief voor Vakbond (AVV) tegen het ABP. De zaak gaat om de VUT overgangsregeling uit 2006 zoals die is overeengekomen tussen werkgevers en vakbonden in de overheids- en onderwijs sector en die wordt uitgevoerd door het ABP.

De regeling kost 12 miljard Euro waarvan 95% wordt betaald door (nu) 58-minners.

In deze regeling houden oudere ambtenaren en docenten (geboren voor 1950) riante VUT uitkeringen terwijl jongeren (van na 1950) die uitkering verliezen maar wel nog tot 2023 ruim 4 % premie moeten betalen voor hun oudere collega’s. Als compensatie voor het verlies van hoge en gegarandeerde VUT uitkeringen krijgen jongeren een bijdrage van maximaal 0,8% levensloopregeling, waarvan de opbrengst afhangt van de nu dramatische beursrendementen.

Onafhankelijke onderzoeken van actuarissen en het Ministerie van Binnenlandse Zaken tonen aan dat het verschil in lusten en lasten kan oplopen tot drie jaarsalarissen.

De grond van de aanklacht is dan ook verboden leeftijdsdiscriminatie.

AVV betoogt dat er veel eerlijker alternatieven voorhanden zijn. Een van de eerlijker alternatieven is dat ouderen iets langer doorwerken, waardoor de kosten voor jongeren lager zijn.

De kantonrechter heeft begin 2008 geoordeeld dat er geen sprake was van verboden leeftijdsdiscriminatie, omdat dit geen reëel alternatief is. Waarom de kantonrechter dat vond, vertelde hij er niet bij.

Nu is het tij aan het keren.

Onlangs lieten de werkgevers in de sector bij monde van hoofdonderhandelaar Hugo Levie weten dat de regeling “oneerlijk is voor jongeren, wantjongeren betalen wel mee, maar zullen er zelf nooit gebruik van maken..”Tevens zegt Levie dat de VUT overgangsregeling per direct afgeschaft moet worden zodat alle ambtenaren tot hun 65ste door moeten werken. Levie: "ABP neemt risico met toekomstige betaling van pensioenen.Jongere ambtenaren betalen steeds meer voor hun pensioen maar hebben minder zekerheden dan hun oudere collega's. Bovendien gaat een groot deel van hun pensioenpremie op aan gunstige overgangsregelingen voor ouderen."

Tenslotte laat Levie weten: "Bij elke verandering van het pensioenstelsel trekken jongeren aan het kortste eind. Vakbonden vestigen geen aandacht op de onbalans omdat ze een vergrijsd ledenbestand hebben.  Er moet een eind komen aan deze onevenwichtigheid…"

Ten tweede is ook de hoofdonderhandelaar aan vakbondszijde en tevens ABP vice-voorzitter Xander den Uyl deze mening toegedaan: “…het betreft uitkeringen aan werknemers, die gegeven het al bestaande flankerend beleid geheel overbodig zijn. (..) De hogere kosten leiden tot verstoring van het evenwicht van de regeling en ondermijnen daarmee het draagvlak onder de regeling. (…) Deze kosten zetten een flinke druk op de basisregeling van ABP. Een basisregeling die al soberder is dan de regeling voor 55-plussers.” Het is duidelijk: ook de ABVAKABO en het ABP vinden de regeling oneerlijk en vinden het beter als die wordt afgeschaft. In de woorden van Den Uyl: “Nu liggen de verhoudingen wel erg scheef.

Concluderend kunnen we stellen dat alle partijen die betrokken zijn bij deze VUT-overgangsregeling - de werkgevers en vakbonden die hem hebben ondertekend, en het bestuur van het ABP dat de regeling uitvoert- nu van mening zijn dat deze regeling oneerlijk is en dat er betere alternatieven zijn.

AVV gaat ervan uit dat geen enkele rechter een regeling als eerlijk zal bestempelen terwijl die objectief gezien oneerlijk is, en de ondertekenaars dat zelf ook vinden.
AVV ziet dan ook de uitspraak van het Gerechtshof met vertouwen tegemoet.

Het document waarin Den Uyl de geciteerde uitspraken doet, staat op de site van AVV, doorklikken bij “Brief aan Minister Ter Horst”.

 
Banner
AVV.NU
over deze website | sitemap | admin | © AVV 2010