AVV logo

Alternatief voor Vakbond

AVV begint rechtszaak tegen ABP PDF Afdrukken E-mail
woensdag, 13 september 2006 10:00
AddThis Social Bookmark Button
vrouwe_justitiaAVV: Wijzigingen inzake VUT en prepensioen in 1 miljoen pensioenregelingen van overheidswerknemers zijn nietig, want zij leggen de kosten eenzijdig bij 56-minners.

Het AVV en een groep ambtenaren en docenten, variërend in leeftijd van 31 tot 53 hebben vandaag het ABP gedagvaard wegens verboden leeftijdsdiscriminatie in het ABP pensioenreglement.

Zij vinden dat er sprake is van verboden leeftijdsdiscriminatie nu 56-minners bijna alle kosten moeten dragen voor de vroegpensionering van 56-plussers, en 56-minners daarom zelf nog langer moeten doorwerken.

Bovendien is het pensioenreglement niet in overeenstemming met de doelstelling van de nieuwe Wet VUT, prepensioen en levensloop. 56-plussers zouden juist moeten worden gestimuleerd om langer aan het werk te blijven om het pensioenstelsel betaalbaar te houden. Het ABP doet nu precies het tegenovergestelde: 56-plussers behouden de mogelijkheid veel eerder met werken te stoppen, ten koste van de 56-minners.


Achtergrondinformatie:

1) Het ABP pensioenreglement, waaraan meer dan 1 miljoen overheidswerknemers zijn gebonden, discrimineert tussen personen geboren voor 1950 (56-plussers) en de rest. 56-minners moeten zo'n 12 miljard euro betalen om oudere ambtenaren in de komende jaren met vervroegd pensioen te laten gaan, terwijl 56-plussers zelf maar ongeveer 5% van de kosten opbrengen. Tegelijkertijd moeten de 56-minners wèl aanzienlijk langer doorwerken, en moeten zij ook voor hun eigen pensioen langer en meer betalen. Daarenboven verliezen zij een groot deel van hun inleg als zij voor 2023 een andere werkgever kiezen. Ondertussen weigert het ABP om de precieze kosten en baten bekend te maken.


2) Nu de nieuwe Wet Vut, Prepensioen en Levensloop (Wet VPL) van kracht is, is het voortijdig met pensioen gaan fiscaal extra belast. Maar in samenspraak met het ABP sloten de sociale partners in de overheidssector in 2005 het "Hoofdlijnenakkoord VPL", waarna het ABP het Pensioenreglement aanpaste. In navolging van het Hoofdlijnenakkoord probeert het ABP de financiële gevolgen van de Wet VPL voor personen geboren voor 1 januari 1950 uit te sluiten. Uiteindelijk wordt ongeveer 95% van de kosten voor deze 'reparatie' betaald door 56-minners.


3) Tot 2023 moeten personen geboren vanaf 1950 ieder jaar 2,5% van hun salaris afdragen, hoofdzakelijk ten behoeve van het vervroegde pensioen van de huidige 56-plussers, en (vanaf 2008) moeten zij 1,25% van hun salaris storten in een 'spaarpot' waarvan ouderen het overgrote deel zullen gebruiken. Het is onzeker of er iets over zal blijven voor jongeren. Over een periode van 17 jaar komt dit neer op een afdracht van 61,25% van een jaarsalaris. Bovendien wordt er een straf gelegd op ambtenaren en onderwijzers die ergens anders willen gaan werken: een deel van het geld dat ze voor zichzelf sparen wordt hun ontnomen indien ze voor 2023 een andere werkgever kiezen. Zo kunnen in sommige gevallen 56-minners zelf bijna 2 jaar (vroeg-)pensioenaanspraken kwijtraken. Onder de huidige pensioenregeling hoeven de 56-plussers slechts twee tot drie maanden langer door te werken ten opzichte van de eerder verwachte vroegpensioen-leeftijd van 61 jaar. Daarentegen moeten 56-minners minimaal 9 maanden langer doorwerken.


4) Op grond van de Wet Gelijke Behandeling op Grond van Leeftijd bij Arbeid mag leeftijdsonderscheid alleen indien het doel legitiem is, het middel passend is, en het onderscheid noodzakelijk is. Het is nu aan het ABP om te bewijzen dat de leeftijdsdiscriminatie "objectief gerechtvaardigd" is.


Steun het AVV in de rechtszaak tegen het ABP

- Je kunt dit bericht doormailen
Je kunt het AVV steunen in de rechtszaak tegen het ABP. Dat kan je doen door het persbericht over deze zaak door te mailen naar je vrienden, collega's en bekenden. Gebruik daarvoor het oranje icoon linksboven dit artikel.

 
Banner
AVV.NU
over deze website | sitemap | admin | © AVV 2012