AVV logo

Alternatief voor Vakbond

Versobering pensioenen moet niet op kosten jongeren PDF Afdrukken E-mail
dinsdag, 11 maart 2008 10:46
AddThis Social Bookmark Button
Werkgeversvereniging VNO-NCW stelt dat de vergrijzing de pensioenkosten de pan uit doet rijzen en stelt maatregelen voor om de kosten binnen de perken te houden. Het is ontegenzeggelijk waar dat vanwege de vergrijzing, toenemende regeldruk en de beurssituatie verdere pensioenversoberingen op termijn onontkoombaar zijn. Het is niet meer dan redelijk om daar nu over na te denken en niet de kop in het zand te steken.
Tussen de maatregelen zitten enkele gebruikelijke werkgeversvoorstellen die neerkomen op kostenverlaging (verlaging van de pensioenen en de werkgeversbijdrage, overstap naar middelloon en CDC, etc), enkele politieke onderwerpen (verhoging AOW leeftijd), maar er zitten ook twee voorstellen bij van een ander karakter die meer aandacht verdienen. Het betreft enerzijds een andere verdeling van de lasten over de generaties en anderzijds een aanpassing van de indexatieambitie. Overigens heeft ook de indexatieambitie rechtstreeks invloed op de lastenverdeling tussen de generaties aangezien premiebetaling en indexatie communicerende vaten zijn.
Wat betreft een wijziging in de lastenverdeling: Alternatief voor Vakbond heeft reeds eerder voorgesteld om het omslagelement uit de pensioenen te halen. Zowel AOW als VUT zijn gefinancierd op omslagbasis en er is anno 2008 geen reden om ook te doen met pensioenen. De reden die er honderd jaar geleden wel voor was (het ontbreken van een AOW) is er immers niet meer. De pensioenen ontdoen van het omslagelement betekent in feite dat de pensioenpremie gebruikt wordt voor de eigen pensioenopbouw, in plaats van hiermee de pensioen van oudere collega’s te financieren. De collectiviteit wordt dan alleen nog maar gebruikt waar die voor nodig is: namelijk om het lang leven risico te dekken en om schaalvoordelen te behalen. PGGM heeft deze variant reeds laten doorrekenen. Deze wijze van pensioenopbouw behoudt het DB karakter en de doorsneepremie en heeft verder als kenmerken dat meer pensioenopbouw plaatsvindt in het begin van de carrière en dat de premie niet meestijgt met de gemiddelde leeftijd. Vooral dat laatste is een enorm voordeel bij de huidige vergrijzing.
Het tweede voorstel omtrent het bijstellen van de indexatie ambitie omvat twee aspecten: een procedurele en een inhoudelijke. Het procedurele aspect is dat de indexatie voortaan aan de CAO tafels wordt geregeld. Een begrijpelijk doch oneerlijk voorstel aangezien de (zeer sterk georganiseerde) gepensioneerden niet aan de onderhandelingstafel zitten. Bij het doorzetten hiervan zullen zeker rechtzaken volgen, net als bij de recente reparatie van de VUT op kosten van jongeren, die immers ook niet vertegenwoordigd waren aan de onderhandelingstafel. Het inhoudelijke aspect is interessanter en behelst een lagere indexatie ambitie. Dit voorstel ligt uiterst gevoelig bij gepensioneerden en verdient dan ook een genuanceerde behandeling. Buiten kijf staat dat een pensioen met onvoldoende waardevastheid een slecht pensioen is. Aan de andere kant zorgt de stijgende gemiddelde levensverwachting er jaar op jaar voor dat de pensioenkosten stijgen. Huidige gepensioneerden zijn ingestapt met een premie gebaseerd op een lagere levensverwachting. Een oplossingsrichting die kool en geit spaart is geboden. Te denken valt bijvoorbeeld aan indexatie met vaste bedragen. Lagere inkomens behouden daarmee waardevastheid terwijl hogere inkomens (met vaak ook een hogere levensverwachting) iets inleveren. Bovendien sluit dit nauw aan bij de trend om hoog-laag pensioenen aan te bieden: de eerste tien jaar na pensionering als men nog relatief fit is een hogere uitkering gevolgd door een levenslange wat lagere uitkering. Overigens zal elke vorm van indexatiebeperking de nodige weerstand oproepen bij de huidige gepensioneerden, verenigd in invloedrijke koepels als de Unie KBO (Katholieke Bond voor Ouderen), de PCOB (Protestants Christelijke Ouderen Bond) , de NVOG (Nederlandse Vereniging van Organisaties van Gepensioneerden), het NOOM (Netwerk van Organisaties van Oudere Migranten) (gezamenlijk weer verenigd in het CSO-Centrale van Samenwerkende Ouderenorganisaties), de NBP (Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen) en ANBO (Algemene Nederlandse Ouderen Bond). Aangezien hier nauwelijks enige invloed van jongeren tegenover staat is de procedurele truc van VNO-NCW ook wel weer voorstelbaar.
De slechts denkbare uitkomst is dat wederom alleen de jongeren de versoberingen op moeten brengen, zoals bij de VUT reparaties. Daarmee wordt de solidariteit van jongeren nog zwaarder belast dan nu al het geval is. Dit is de beste manier om de solidariteit uiteindelijk om zeep te helpen.
 
Banner
AVV.NU
over deze website | sitemap | admin | © AVV 2012