AVV: de democratische vakbond

Het regeerakkoord bevat fantastisch nieuws voor vakbonden

Het regeerakkoord van het aankomende kabinet Jetten heeft vooral kritiek gekregen vanuit de linkerzijde van het politieke spectrum. Niet alleen vanuit politieke partijen, maar ook vanuit de traditionele vakbonden. De FNV spreekt van ‘afbraak van de sociale zekerheid’, ‘kille bezuiniging’, en ‘werknemers worden beroofd van hun rechten’. CNV-voorzitter Fortuin spreekt over ‘botte bijl’ en ‘onzalige plannen’, en hij ‘reserveert alvast het Malieveld’ voor massaprotesten.  

Met al dat verbale geweld zou je bijna vergeten dat er ook fantastische plannen voor vakbonden in het regeerakkoord staan. Om te beginnen onderstreept het regeerakkoord het belang van cao’s. Vakbonden vinden dat wellicht vanzelfsprekend, maar dat is het natuurlijk niet. Met een officiële organisatiegraad van zo’n 15% zijn vakbonden al lang niet meer per definitie representatief voor werknemers. Bovendien vertoont de organisatiegraad al decennialang een dalende trend. Het percentage werknemers dat onder een cao valt is gedaald tot bijna 70%. Een rechts kabinet had makkelijk afstand kunnen nemen van de cao als pijler onder de arbeidsvoorwaarden, maar dat is niet gebeurd.  

Niet alleen erkent het kabinet de waarde van de cao, maar het gaat zelfs een stap verder. Het kabinet wil het draagvlak onder de cao verbreden. Dat wil het doen door ook niet-vakbondsleden erbij te betrekken. En dat is, gelet op de cijfers, ook hard nodig. Traditioneel laten vakbonden uitsluitend hun leden meepraten over de arbeidsvoorwaarden. Dat gaat soms goed, maar soms ook heel erg fout. En als dat fout gaat, betekent dat meestal dat ondervertegenwoordigde groepen voor de bus gegooid worden. Denk aan het Flexakkoord uit 1995. FNV had bij het sluiten daarvan nauwelijks leden onder flexwerkers, en besloot vooral de eigen vergrijsde leden te bedienen. Het resultaat: (vrijwel) de meest flexibele flexcontracten en de meest starre vaste contracten van alle Europese lidstaten. Dat lijkt lang geleden, maar het werkt door tot de dag van vandaag. Of denk aan de VUT-akkoorden van twintig jaar terug, waarbij de vergrijsde leden vaak nog lekker voor hun zestigste met de VUT konden, terwijl toen al lang duidelijk was dat jongere generaties bijna tien jaar langer zouden moeten doorwerken. De vakbonden regelden ook nog even dat die jongeren wel de tientallen miljarden voor de VUT mochten ophoesten. Solidariteit, noemde men dat toen.  

Het is dus volkomen terecht dat het nieuwe kabinet draagvlak onder cao’s wil terugbrengen door ook niet-vakbondsleden erbij te betrekken. Het kabinet verwijst daarbij naar het recente advies van de Stichting van de Arbeid, waar de traditionele polderpartijen schoorvoetend toegeven dat ze eigenlijk niet meer met goed fatsoen verder kunnen zonder niet-leden erbij te betrekken. De SER gaf al eenzelfde advies in 2013.  

Het goede nieuws is, dat met dat draagvlak onder cao’s terugbrengen al twintig jaar ervaring is. AVV heeft dit al in 2005 geïntroduceerd. Destijds werden we beschimpt door de traditionele bonden, omdat we de vakbond kapot zouden maken door ook niet-vakbondsleden een stem te geven. Het is goed te constateren dat de traditionele polderpartijen met het advies van de Stichting van de Arbeid op hun schreden terugkeren, en eindelijk verder komen dan ‘we moeten het nog eens een keer goed uitleggen’.  

AVV heeft al vele jaren ervaring met het betrekken van niet-leden bij de cao, dat doen we door het draagvlakmodel te hanteren. Wij zullen het aankomende kabinet dan ook graag van advies over hoe dat het beste te doen.  

Martin Pikaart - voorzitter AVV

20 februari 2026

© 2017 AVV - PrivacyDisclaimer

Verenigingenweb
Cancel